krop

Thesaurus

krop:

slakropkropgezwel, struma,
Vertalingen

krop

Kopf, Kropfhead, crop, patetête, pomme, goitre, jabotcabeza (krɔp)
zelfstandig naamwoord mannelijk meervoud -pen
1. bol van bladeren een krop sla
2. ruimte in de hals van sommige vogelsoorten om voedsel te weken De jongen worden gevoed uit de krop van de ouders.
Kernerman English Multilingual Dictionary © 2006-2013 K Dictionaries Ltd.