ding
Vertalingen
ding
Ding, Angelegenheit, Gegenstand, Objekt, Sache, Werkthing, affair, business, case, matter, object, article, businessdeal, thingamajig, whatchamacallit, hickeychose, objet, produit, affaire, petite, machin, machine, outil, truc, ustensile, causecosaaffare, affari, faccenda, cosaشَئْvěctingπράγμαesinestvar物물건tingrzeczcoisaвещьsakสิ่งของşeyđồ vật东西нещо (dɪŋ)zelfstandig naamwoord onzijdig meervoud -en
1. <woord dat je voor alles kunt gebruiken dat geen mens of dier is> Er liggen allerlei dingen op de tafel. Een gesprek over allerlei dingen.
2. een (seksueel) aantrekkelijk persoon
Kernerman English Multilingual Dictionary © 2006-2013 K Dictionaries Ltd.